Verplicht een dikkere huid kweken

Zoals veel mensen, krijg ik soms best rare dingen binnen via social media en e-mail. Haters gonna hate hate hate, zou Taylor Swift zeggen. Iedereen weet het beter en iedereen vindt het belangrijk om hun mening te ventileren in mijn inbox. Ik zou eens ‘een boek van Monty Roberts moeten lezen, die man weet pas hoe je met paarden moet omgaan’, ik zou te commercieel zijn, ik zou te wetenschappelijk zijn en zou niet weten hoe de praktijk werkt, ik zou veel te jong zijn om dit werk te doen, ik zou alleen met lieve paarden werken en weet niets van ‘vurige’ paarden, ik creëer gevaarlijke paarden met al mijn snoepjes, ik denk altijd alles beter te weten, ik ben te lief…

 

Wie het eerste ruikt…

Nu ik het zo achter elkaar zet, zie ik wel vanaf een afstandje dat het weinig met mij te maken heeft. Ik ben zeker niet perfect, maar veel van al die nare zaken zeggen meer over de mensen die ze zeggen, dan over mij. Toch doet het op al die individuele momenten pijn. Ik schrik iedere keer en iedere keer kwetst het. Soms wat meer, en soms wat minder. Hier voelde ik me altijd zo’n loser onder. Niet alleen om die nare opmerkingen, maar ook omdat ik blijkbaar niet sterk genoeg was om er tegen te kunnen.

 

Paardenmensenwelzijn

Ik hoor dat dit vaak gebeurd, niet alleen bij mij. Ik hoor het ook om me heen. Daarom vind ik het zo belangrijk om het niet alleen over paardenwelzijn te hebben, maar ook over óns welzijn! Misschien ben jij de enige op stal die graag zonder zweep en sporen rijdt en word je blootgesteld aan onaardig veel commentaar. Online hebben mensen minder het idee met een ‘echt mens’ te communiceren, en zijn vaak minder beschaafd. Ook vanuit de naam van paardenwelzijn worden trouwens nare dingen gezegd. Vervelende geluiden komen soms vanuit mensen die paarden vol liefde en respect behandelen, maar stukken minder gezellig zijn bij andere diersoorten, zoals bij mensen. Ik zou in mijn trainingen teveel druk gebruiken, of ik zou ideeën in de praktijk brengen die niet wetenschappelijk genoeg zijn. Of er zou eens een foto van een bit op mijn tijdlijn verschijnen :-O .

 

Oplossing?

Om me hier tegen te wapenen, werd ik geadviseerd een dikkere huid te kweken. Om minder gevoelig te worden. “Dit hoort allemaal bij jouw vak.” Heb ik geprobeerd, echt. Maar al snel vroeg ik me af hóe je dan precies een dikkere huid kweekt. Het is niet zoals wandelen, en gewoon veel kilometers maken.

 

Vaker gekwetst worden hielp niet. Zeggen dat iets je niet kwetst of geen pijn doet, zorgde er niet voor dat het je daadwerkelijk geen pijn deed. Hoe lang ik er over na bleef denken, die dikkere huid kwam er niet. Het leek me niet te lukken en ik gaf het op.

Daar ben ik nu erg blij mee. Bij nader in zien hoef ik helemaal geen dikkere huid te kweken. Mijn gevoelige huid is prima zoals ze nu is (en wellicht de jouwe ook!!). De huid is het grootste orgaan van mijn lichaam, dus hoort ze bij mij. Of ik bij haar. Ik zie nu in dat mijn gevoeligheid een onderdeel van mijn eigenheid is, van het ‘Suzy-zijn’. Dit is dus niet aan te passen, of in elk geval niet in hele grote mate. Afgestompt en ongevoelig zal mijn huid niet snel worden.

Bovendien: waarom zou ik het willen aanpassen? Mijn dunnere huid is mijn kracht. Als ik minder gevoelig en empathisch geweest zou zijn, zou ik niet zoveel opmerken bij paarden en mensen. Ik zou veel minder zien, en me veel minder verbazen over de wereld om me heen. Ik zou zelfs minder plezier beleven.

Als een paard tijdens onze training plots meer of minder enthousiasme laat zien, merk ik dit zeker op. Zo pik ik ook kleine signalen van de eigenaar op. Voelt iemand zich wel comfortabel? Kan ik iets doen om het leren te stimuleren? Zijn we misschien te lang bezig? Ik maak een mentale notitie en denk er over na. Ik doe tegenwoordig niet meer mijn best om minder gevoelig te worden. Wat ik wél doe, is:

“to set myself up for success”.

 

Ik denk actief na over wie ik kan en wil helpen en zorg voor leuke, gezellige klanten. Ik selecteer mijn omgeving dus 🙂 . Als iemand alsnog iets ongevoeligs zegt en me kwetst, laat ik diegene dit weten. Niet eventjes tussen neus en lippen door, maar gewoon duidelijk. “Je kwetst me. Ik hoop dat je het niet zo onaardig bedoelt, maar het komt niet leuk bij mij binnen.” Dit zorgt er vaak voor dat ik de situatie verander van een etterende puswond in een gesprek tussen twee mensen.

Bovendien zie ik nu in dat het oké is om gekwetst en van slag te zijn. Het duurt tegenwoordig niet lang en ik herpak mezelf snel, maar het moment blijft wel verdrietig. Dit kan ik niet veranderen, maar deze gevoelens toestaan heeft me heel erg veel geholpen.

Ik schaam me niet voor mijn gevoeligheid, maar geniet er juist optimaal van. Als jij ook zo gevoelig bent, hoop ik dat deze blog jou een beetje heeft kunnen helpen.