Een tijdje terug had ik een kleine ‘onenigheid’ met Joy. Dit was niet leuk, maar ook niet heel erg. Ik denk dat het een interessant voorbeeld is over mijn ideeën en visies over de relaties die we met onze paarden kunnen hebben en daarom deel ik het verhaal.

Maar eerst een korte intro over mezelf. Ik heb een Indische achtergrond. Vandaar dat haar 😊. Mijn moeder is in Indonesië geboren en naar Nederland gekomen als jong meisje. Het Indisch-zijn is niet heel sterk aanwezig in onze familie, behalve als het om eten gaat.

Pasar Malam

Ik ging altijd met Tante Hil, de zus van mijn oma, naar de Pasar Malam, een Indische markt met eten, hebbedingetjes en eten. Vooral heel veel eten. Tante hield van eten en we waren dol op onze uitstapjes. Tegen het einde van haar leven werd ze slecht ter been. Het werd steeds meer zitten en steeds minder rondlopen, maar zeker nog even gezellig. Helaas stopte niet alleen haar lichaam er langzaam mee, maar ze werd ook vergeetachtig en verstrooid. Op een bepaald niveau bleef ze scherp en helder, maar ze wist niet meer wat ze een uur geleden gedaan had. Haar intelligentie bleef lang onaangetast, maar haar kortetermijngeheugen was een zeef.

Dit kon wel eens voor bijzondere situaties zorgen.

Ze vergat dan op de Pasar Malam dat ze al een paar loempia’s, broodjes bapao en lempers had gekocht, en sleepte mij mee naar de volgende kraam voor…. Je raadt het al. Een paar loempia’s, broodjes bapao en lempers. Ze uitte haar liefde en dankbaarheid in loempia’s geloof ik.

Eigenlijk kon ze dan al niet meer en was ze doodop, maar ze moest en zou nóg meer eten halen. Het was ook altijd onduidelijk wie al het eten moest opeten, waardoor we soms dagenlang loempia’s aten. Klinkt misschien aantrekkelijk, maar nee.

Lichte sturing

Het was dus in het belang van iedereen dat we Tante op een goede manier langs de eetkraampjes kregen, zonder 20 extra loempia’s en lempers. Dit moest subtiel en vriendelijk gebeuren, want Tante was zelf altijd vriendelijk en (bijna altijd) vrolijk. Met een lichte sturing, tempo-aanpassingen en afleiding lukte het soms.

Maar ze was vastberaden. Plots kon ze dan toch harder lopen dan je dacht. Je knipperde even met je ogen, en ze had al besteld. Het was een poging waard om te opperen dat ze misschien alleen loempia’s zou bestellen, in plaats van loempia’s en broodjes bapao, maar dat lukte vaker niet dan wel.

Deze herinnering ging door mijn hoofd toen Joy aan het ontwaken was van haar sedatie, na de tandartsbehandeling. Ze bleef een tijdje suf en wilde maar een paar stapjes per keer lopen. De paardenarts had gezegd dat ze rond 15.00 uur weer min of meer de oude zou zijn, en dan ook weer mocht eten. Joy besloot echter dat ze om 14.30 uur al wakker was.

Eten na sedatie

Ik wilde niet dat ze te vroeg zou gaan eten, omdat ze dan een slokdarmverstopping zou kunnen krijgen. Een (half)gesedeerd paard wil soms wel eten, maar de slokdarm werkt wellicht nog niet optimaal, waardoor ze zich makkelijker verslikken. Ik was het dus niet eens met haar idee om rond 14.30 uur te gaan eten.
Het lukte me een tijdje met vriendelijke bijsturing. Beweging is goed om wakker te worden, dus haar in een kale box stilzetten leek me ook niet ideaal. We liepen wat over de track, en stiekem liep ze iedere keer iets vlotter naar een hoopje hooi. Ik kon mezelf gemakkelijk tussen haar en het hooi plaatsen, zodat ze er niet van kon eten.

Dit ging een minuutje of 10 goed en toen had ze het gehad. Ze werd wat gefrustreerd en zette haar gewicht in de strijd: ze liet zich niet meer afwimpelen. Het moment van onze onenigheid.

Ze wist dat ik niet wilde dat ze ging eten, maar het kon haar niets schelen. Ze ging naar het hooi. Dit was het moment waarop ik moest ingrijpen, net zoals met Tante Hil. Ik nam haar mee naar een saaier stuk, zonder haar vrienden, maar ook zonder hooi. Hier hebben we nog een kleine 20 minuten samen gestaan voordat ik er zeker van was dat ze 100% wakker was, en toen heeft ze eindelijk weer mogen eten.

Was ik de baas? Nou, zo voelde het voor mij persoonlijk niet. Was ik de leider? Nee, ook dat woord heeft voor mij een andere betekenis. Het was vooral een beetje zoals met Tante Hil op de Pasar Malam. Ik ben nooit Tante’s leider geweest en ik had dit ook zeker niet willen zijn. Ik was gewoon haar nichtje.

Ik geef om Joy en ik wil haar veilig en gelukkig houden. Daarom deed ik iets wat ze in dat moment niet zo leuk vond, maar het heeft niets te maken met sociale rituelen, hiërarchie of andere constructen. Ik ben niet ‘meer’ dan Joy, en ik sta ook niet boven haar. We zijn vriendinnen en soms zeggen vriendinnen ook ‘nee’ tegen elkaar.

Wetenschap en persoonlijke visie

Mijn (wetenschappelijke) visie is zeker gekoppeld aan mijn persoonlijkheid. Ik praat regelmatig over dominantie en leiderschap met andere dierprofessionals, en iedereen heeft er een andere kijk op. En dat is oké. Wetenschap geeft ook niet dé waarheid, maar simpelweg de uitkomst van een onderzoek. Een onderzoek dat is opgesteld door wetenschappers die hun eigen visie en persoonlijkheid hebben, en hiermee altijd het onderzoek beïnvloeden. Dat is niet erg, maar wel goed om je te realiseren als iets leest.

Het gaat dus ook deels om wat bij jou en jullie relatie goed voelt. Ik vind het niet fijn als iemand de baas is over mij, maar ik vind het evenmin prettig om de baas over iemand anders te zijn. In mijn omgang met mensen en paarden werkt dit -voor mij- erg goed, maar het is niet voor iedereen de waarheid. Hoe zit dat voor jou? Laat ’t me weten in de reacties hieronder!